Cyberbeveiligingswet per 15 augustus 2026 van kracht

De Eerste Kamer heeft op dinsdag 7 juli 2026 ingestemd met de Cyberbeveiligingswet (Cbw) en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten (Wwke). Daarmee is de parlementaire behandeling van beide wetten afgerond en treden zij op 15 augustus 2026 in werking. Voor een deel van de NBIP-achterban betekent dit dat de voorbereidingstijd nu definitief overgaat in uitvoeringstijd.

Van circa 1.000 naar circa 8.000 organisaties

De Cyberbeveiligingswet is de Nederlandse implementatie van de Europese NIS2-richtlijn en vervangt de huidige Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen (Wbni). Waar de Wbni zich richtte op een beperkte groep vitale aanbieders, geldt de Cbw voor organisaties in 18 sectoren — waaronder expliciet de sector digitale infrastructuur. Het aantal organisaties dat onder de wet valt, groeit daarmee van ongeveer 1.000 naar naar verwachting circa 8.000. Organisaties zijn zelf verantwoordelijk om te beoordelen of zij onder de reikwijdte van de wet vallen. Onder meer het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) biedt hiertoe de nodige tools voor zelfevaluatie.

Drie verplichtingen die per 15 augustus gaan gelden onder de Cbw

Voor NBIP-deelnemers die onder de Cbw vallen, komen er vanaf de inwerkingtredingsdatum drie kernverplichtingen bij:

  • Registratieplicht — registratie in het entiteitenregister bij het NCSC, via mijn.ncsc.nl. Meer informatie over de registratieplicht vind je via deze link
  • Zorgplicht — aantoonbare maatregelen om de risico’s voor netwerk- en informatiesystemen te beheersen, inclusief de beveiliging van de toeleveringsketen. Meer informatie lees je via deze link
  • Meldplicht — het binnen wettelijke termijnen melden van significante incidenten aan de bevoegde autoriteiten en het CSIRT. Bij het NCSC vind je meer informatie over de meldplicht


Toezicht op de naleving komt voor onze sector hoofdzakelijk te liggen bij de Rijksinspectie voor Digitale Infrastructuur (RDI). Nieuw is ook dat cyberveiligheid expliciet een bestuurstaak wordt: bestuurders kunnen bij aantoonbare nalatigheid persoonlijk aansprakelijk worden gesteld.

Impact op aanbieders van digitale infrastructuur

Internetserviceproviders, hostingpartijen, cloudaanbieders en aanverwante dienstverleners horen bij de sector digitale infrastructuur, één van de 18 sectoren die vallen onder de Cbw. Dat betekent niet dat iedere organisatie in die sector automatisch zelf zorg-, meld- en registratieplichtig wordt. De kernverplichtingen gelden in de regel voor organisaties boven een bepaalde omvang (doorgaans meer dan 50 medewerkers, of een jaaromzet én balanstotaal boven 10 miljoen euro). 

Toch is het niet zo dat aanbieders die deze drempelwaarden niet halen, helemaal niet van doen krijgen met de Cbw. Cbw-organisaties zijn wettelijk verplicht om de risico’s in hun toeleveringsketen in kaart te brengen en waar nodig aanvullende maatregelen te vragen van hun rechtstreekse leveranciers en dienstverleners. Dit is dus ook het geval als die leverancier zelf niet onder de Cbw valt. 

Het toezicht van de RDI richt zich op de Cbw-organisatie zelf. Een toeleverancier die zelf niet onder de Cbw valt krijgt dus geen eigen toezichtrelatie met de toezichthouder, maar wel met de eisen die zijn klant vanuit de in de Cbw neergelegde zorgplicht stelt.

Toeleveranciers die geen Cbw-organisatie zijn

Wat een toeleverancier die zelf niet Cbw-plichtig is concreet kan verwachten, hangt af van de aard van de relatie. De wet vraagt om maatregelen die “passend en evenredig” zijn. Een aanbieder die impact heeft op het netwerk of de systemen van een klant die Cbw-organisatie is, zal waarschijnlijk gevraagd worden om aanvullende maatregelen te nemen. Aanbieders die hosting, colocatie of cloudcapaciteit leveren aan een grotere klant, draait daarmee doorgaans (een deel van) diens systemen. Wie IP-transit, peering of connectiviteit afneemt van een grotere upstream-provider, is technisch verbonden met diens netwerk. Dit soort leveranciers zal in de regel onder de ketenverantwoordelijkheid van Cbw-organisaties vallen.

In de praktijk vertaalt dit zich meestal naar gesprekken over de eigen cyberbeveiliging, verzoeken om aan te tonen dat basismaatregelen op orde zijn, eventueel onderbouwd met een certificering zoals ISO 27001. Ook zullen aanvullende afspraken die worden vastgelegd in een contract of SLA vaker voorkomen. Het gaat dan om beveiligingsmaatregelen, auditmogelijkheden, meldtermijnen bij incidenten en gezamenlijke incidentrespons. 

Het is verstandig om niet af te wachten tot een klant zelf dit gesprek initieert, maar zelf het onderwerp op de agenda te zetten. Van belang is verder dat deze eisen niet per se bij de eerste schakel stoppen: een Cbw-organisatie kan via haar directe leverancier ook verlangen dat diens onderleveranciers passende maatregelen nemen, waardoor de praktijk verder reikt dan alleen de partijen die rechtstreeks aan een Cbw-organisatie leveren.

Je kunt meer lezen over wat je als toeleverancier kunt doen bij het NCSC.

Verplichtingen voor aanbieders van digitale infrastructuur die Cbw-organisatie zijn

Voor aanbieders die als essentiële of belangrijke entiteit onder de Cbw vallen, lichten we de registratie-, zorg- en meldplicht die hierboven al kort zijn genoemd hieronder verder toe. We gaan daarbij ook in op een aantal andere verplichtingen die daarbij komen kijken.

De registratieplicht is het startpunt: organisaties registreren zich in het entiteitenregister bij het NCSC, via mijn.ncsc.nl, met gegevens over onder meer de organisatie, contactpersonen en de netwerk- en informatiesystemen die relevant zijn voor de dienstverlening. Met deze registratie geeft een organisatie formeel aan dat zij onder de Cbw valt, en krijgt zij toegang tot ondersteuning van het eigen sectorale CSIRT.

De zorgplicht is uitgewerkt in een aantal verplichte aandachtsgebieden: risicoanalyse en systeembeveiliging, incidentbehandeling, bedrijfscontinuïteit (back-ups, crisisbeheer), beveiliging van de toeleveringsketen, veilige verwerving, ontwikkeling en onderhoud van systemen, het periodiek beoordelen van de effectiviteit van de eigen maatregelen, cyberhygiëne en training van personeel, beleid voor cryptografie en versleuteling, HR-beveiliging en toegangsbeheer, en het gebruik van meerfactorauthenticatie en beveiligde communicatie.

Daarnaast geldt een meldplicht in drie stappen: een significant incident vraagt binnen 24 uur om een vroegtijdige waarschuwing, binnen 72 uur om een vervolgmelding, en uiterlijk één maand na de eerste melding om een eindverslag. Alles verloopt via het meldportaal op mijn.ncsc.nl, dat automatisch doorzet naar het sectorale CSIRT en de toezichthouder.

Ook nieuw is een verplichte bestuurderstraining: bestuursleden moeten een training volgen om cyberrisico’s te leren herkennen en erop te kunnen sturen. Hiervoor geldt een overgangstermijn van maximaal twee jaar na inwerkingtreding. Let op: voor de overige verplichtingen bestaat die coulance niet.

Toezicht

Meerdere toezichthouders zijn in Nederland belast met toezicht op het Cbw. Voor de digitale infrastructuursector is de RDI de belangrijkste toezichthouder. Het toezicht verschilt per type entiteit: essentiële entiteiten krijgen een uitgebreider, grotendeels proactief toezichtsregime, terwijl belangrijke entiteiten vooral achteraf worden gecontroleerd. Overtredingen kunnen leiden tot boetes tot 10 miljoen euro of 2% van de wereldwijde jaaromzet voor essentiële entiteiten, en tot 7 miljoen euro of 1,4% voor belangrijke entiteiten.

Voor specifieke deelsectoren binnen digitale infrastructuur gelden nog aanvullende regels. Zo gelden extra eisen voor onder meer registers van topleveldomeinnamen en organisaties die domeinnamen registreren, met specifieke verplichtingen rond het bijhouden van en verlenen van toegang tot bepaalde gegevens. Ook beheerde ICT-diensten en beheerde beveiligingsdiensten, denk aan MSP’s en MSSP’s, vormen een eigen deelsector met eigen aanwijzingscriteria.

We willen graag onderstrepen dat voor de kernverplichtingen zelf, anders dan bij de bestuurderstraining, geen overgangstermijn geldt: vanaf 15 augustus 2026 gelden zorg-, meld- en registratieplicht meteen. Twijfel over de eigen positie kan, naast de tools van NCSC die hierboven al werden genoemd, ook worden getoetst met de NIS2-zelfevaluatie die de RDI aanbiedt.

De Cbw staat ook niet op zichzelf. Voor organisaties die daarnaast te maken hebben met de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten, eEvidence-verplichtingen of andere Europese wetgeving rond digitale weerbaarheid zoals de Digital Services Act, ontstaat een breder patroon: toezicht, meldplichten en registraties die ieder afzonderlijk zijn ontstaan, maar in de praktijk om een samenhangende aanpak vragen. Voor de sector als geheel is dat reden om compliance niet per dossier te bekijken, maar vanuit een overkoepelend beeld van waar de verplichtingen elkaar raken. NBIP zal waar mogelijk op gemeenschappelijke basis dit soort verplichtingen operationeel behapbaar maken en kennisdeling op dit vlak intensiveren.

Niet wachten tot 15 augustus

Duidelijk is dat de Cbw voor zowel Cbw-organisaties als hun leveranciers in de sector digitale infrastructuur impact zal hebben. De Rijksoverheid roept organisaties nadrukkelijk op om niet te wachten tot de inwerkingtredingsdatum. Concreet raden wij onze deelnemers (en de bredere sector) bij herhaling aan om:

  1. Nog eens te controleren of de eigen organisatie onder de Cbw valt (sector digitale infrastructuur, omvang van de organisatie)
  2. Je registratie bij het NCSC via mijn.ncsc.nl te controleren of zo snel mogelijk in orde te maken
  3. Te inventariseren welke bestaande maatregelen al bijdragen aan de zorgplicht, en waar aanvullende stappen nodig zijn
  4. Als toeleverancier het gesprek aan te gaan met klanten die Cbw-organisatie zijn

Wil je meer informatie of je abonneren op onze nieuwsbrief?

‘Platform- en leveranciers onafhankelijke Cloud met Haven’

Donderdag 27 november – 13:50 – 14:30 uur

Haven is een open oplossing voor platform- en leveranciersonafhankelijke Cloud diensten. Haven is een bouwsteen van het pGDI en de NDS. Haven biedt agnostische inrichting van Cloud technologie en biedt organisaties een uitvoerbaar exit plan. 

Verwacht een bevlogen verhaal over de praktijk van ecosysteem gestuurd samenwerken waarbij we de kracht van digitalisering inzetten voor het maatschappelijk belang. 

Highlights 

  • Haven+
  • Ecosysteem gestuurd samenwerken
  • Platform- en leveranciersonafhankelijke Cloud diensten
  • Data Soevereiniteit


Over Jacco Brouwer

Jacco Brouwer is werkzaam voor de Vereniging Nederlandse Gemeenten als beleidscoördinator Cloud en behartigt de gemeentelijke belangen in het NDS uitvoeringsprogramma op Cloud. Vanuit het Kenniscentrum Innovatie bij VNG is Jacco de initiatiefnemer van de publieke Incubator GROEI waarmee VNG gemeentelijke samenwerking en innovaties vanuit een startup filosofie begeleiden bij de opschaling naar breed en collectief gebruik onder gemeenten en collega overheden. 

Jacqueline van de Werken is bijna 10 jaar actief als global general counsel bij Leaseweb, na een loopbaan in de advocatuur en actief te zijn geweest in legal & regulatory affairs bij buitenlandse telecom/ datacom aanbieders.

Sinds enige tijd is Jacqueline ook board member & secretaris van brancheorganisatie Dutch Cloud Community. Als president/chair bij Cloud Infrastructure Service Providers Europe richt ze zich ook op het behartigen van regulatory belangen van de IAAS cloud sector.

Woensdag 26 november 

Van vrijwillig naar verplicht: de nieuwe werkelijkheid van regelgeving voor providers

Interactieve sessie

11:15 – 12:00 uur

Ir. Bas Dunnebier EngD

Bas Dunnebier is Chief Science and Technology Officer (CSTO) bij de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD). De CSTO speelt in op de kansen en uitdagingen die technologische en wetenschappelijke innovatie met zich meebrengen, onder meer voor de offensieve en defensieve taken van de dienst.

Eerder vervulde Dunnebier verschillende andere functies binnen de AIVD, waaronder die van hoofd Unit Weerbaarheid. Hij heeft daardoor een brede expertise ontwikkeld op het gebied van (cyber)weerbaarheid, inlichtingen, en technologieën zoals AI, quantum en cryptologie. Hij studeerde Toegepaste Wiskunde aan de Universiteit Twente, en Informatie- en Communicatietechnologie aan de Technische Universiteit Eindhoven. Voordat Dunnebier bij de AIVD kwam werken, werkte hij onder meer bij Thales, TNO en Technolution.

Het huidige dreigingsbeeld volgens de AIVD: wat nu te doen?

Woensdag 26 november 
14:00 – 14:35
Parkzaal: Wet- en Weerbaarheid

Tijdens zijn presentatie geeft Dr. Alberto P. Martí een update over het Europese project IPCEI Cloud Infrastructuur en Services (CIS).

Donderdag 27 november 
15:00 – 15:45 uur
Parkzaal: Op weg naar digitale autonomie

René deelt tijdens NBIP NEXT meer over de implementatie van de eEvidence wetgeving die per 18 augustus 2026 van kracht wordt voor internet service providers.

Woensdag 26 november 
15:00 – 15:35 uur
Parkzaal: Track Wet & weerbaarheid

Johan geeft tijdens NBIP NEXT als onderdeel van het DDoS Mitigatietrack een presentatie over hoe je het beste een WAF kan inzetten om layer 7 aanvallen te mitigeren.

Woensdag 26 november 
13:15 – 13:50 uur
Fonteinzaal: Collaborative DDoS mitigation track (ENGLISH)

Dr. Cristina Caffarra is een van de drijvende krachten achter EuroStack. Deze beweging, die het oor heeft van politici en beleidsmakers in Europa, maakt zich zich hard voor meer investeringen in Europese technologie vanuit de gedachte dat dit de enige weg is naar digitale autonomie. Caffarra is mededingingsexpert en kent de wereld van de grote techbedrijven van binnenuit. Ze leverde belangrijke bijdragen aan concurrentieonderzoeken naar fusies en anti-trustzaken voor de Europese Commissie. 

Caffarra neemt geen blad voor de mond en zegt waar het op staat: we moeten aan de slag met elkaar om de Europese digitale autonomie zo snel mogelijk handen en voeten te geven. Op NBIP NEXT deelt ze haar visie tijdens een inspirerende keynote waarna er mogelijkheid is om in discussie te gaan.

Donderdag 27 november 
13:15 – 13:50 uur
Parkzaal: Op weg naar digitale autonomie